Door de ogen van een ander

Dit verhaal heeft meerdere wegen die jij mag kiezen. (werkt alleen op een computer)

“Vannacht was echt leuk, toch Ben?” “Ja zeker, alleen volgende keer moet je echt dat laatste biertje op drinken hoor” antwoorde Ben met een lach. Samenlopen ze vermoeit naar huis. Ze wonen al sinds hun derde jaar naast elkaar. Nu 15 jaar later zijn ze nog steeds beste vrienden. Aangekomen bij hun huizen splitsen hun wegen.
En nu mag jij, de lezer zelf bepalen wiens verhaal je (als eerst) wil lezen!

Michiel

We draaien onze sleutels gelijk om, knikken naar elkaar en stappen naar binnen. Ieder onze eigen wereld in. Ik loop zo stil mogelijk door de hal, zodat mijn ouders niets merken. De vader van Ben is altijd zo relaxed. Die zou het vast niet erg vinden als Ben om 2 uur thuis zou komen. Mijn ouders zijn precies het omgekeerde. Die kunnen niet eens een minuut zonder mij.
Nu moet ik oppassen, de trap naar de slaapkamers lijkt wel uit een middeleeuws kasteel. Hij is hellemaal van hout en kraakt op elke trede zelfs de trapleuning kraakt. Soms vraag ik mij af of mijn ouders expres geen nieuwe trap kopen. Nu kunnen ze namelijk precies horen waar ik ben. Op de derde tree van onder om exact te zijn. Sluipend loop ik omhoog. Zonder de trapleuning aan te raken.
Tot dat ik gekraak hoor, wat niet van de trap komt. Het klinkt veel zwaarder en komt van boven.
Wat er nu gaat gebeuren is aan jou. Jij bepaalt het vervolg van mijn verhaal! Kies één route.

Ben

We draaien onze sleutel gelijk om, knikken naar elkaar en stappen naar binnen. Ieder onze eigen wereld in. Mijn wereld bestaat alleen uit mijn pa en mij. Bij Michiel zijn ze met zijn drieën. Hij heeft echt de liefste ouders, heel zorgzaam en staan altijd voor ons klaar. Zelfs voor mij, terwijl ik niet eens hun kind ben. Dan hoor ik gelach uit de woonkamer. Dat moet mijn vader zijn, de grootste lul op aarde.
Als ik de woonkamer in loop en hem begroet krijg ik geen reactie. Ik vraag mij af of die eikel ooit iets voor mij heeft gevoeld. Ik voel in ieder geval heel veel voor hem: verdriet, teleurstelling, medelijden, boosheid. Ik merk dat ik warm begin te worden en het bloed door mijn aderen voel stromen.
Wat ik nu ga doen is aan jou. Jij bepaalt het vervolg van mijn verhaal! Kies één route.

Een waas

Boven aan de trap vormen twee schaduwen. De een klein, normaal van postuur alleen wat dikker in de benen, mijn vader. De ander z’n 20 cm langer in de volle breedte, mijn moeder. Zo in hun pyjama’s lijken het net twee clowns uit het circus.
Het volgende moment word ik hellemaal verblindt. Zoveel licht heb ik nog nooit gezien in mijn leven. Alleen was dit geen hemels licht maar het licht van een cipier die op zijn gevangene schijnt.
De volgende minuten zijn een grote waas. Er komt alleen maar geschreeuw op mij af van twee overbezorgde clowns boven aan de trap. De enige woorden die ik versta zijn: laat, feest, huisarrest en verantwoordelijkheid. Het is alsof er een muur tussen mij en mijn ouders staat, waar een paar woorden overkomen. Als het rustiger begint te worden loop ik langs mijn ouders alsof ze er nooit waren geweest. Verbijsterd laat ik mijn ouders achter.
Op mijn kamer is het rustig. Gelukkig maar, mijn hoofd voelt zwaar aan. Op een moment als dit wil ik echt z’n relaxte vader als Ben heeft. Ik merk dat mijn kleren zweterig nat zijn. En ik open de balkondeur. Als ik naar buiten loop staat Ben al op zijn balkon.

Dubbel gevoel

Dan springt het licht aan en twee schaduwen boven aan de trap veranderen in mijn ouders. Een doodse stilte valt. De blik in hun ogen herken ik van al de momenten dat ze boos waren. De stilte heerst voor een eeuwigheid. Dan gebeurt er iets bij mijn moeder. Haar wenkbrauwen gaan omlaag, lippen drukken stijf op elkaar en haar arm gaat de lucht in. Zwijgend wijst ze naar mijn kamer. Nu ligt de bal bij mij, mijn reactie zal mijn lot voor de komende twee weken bepalen.
Alle gevoelens stromen door mijn lijf boosheid, verdriet. Zelf weet ik niet wat ik moet voelen. Eigenlijk ben ik ook veel te vermoeid om iets te voelen. Dus besluit ik met gebogen hoofd naar mijn kamer te lopen. Als ik achter mij de deur sluit hoor ik gesnik. Dat is het laatste waar ik op zit te wachten. Dus loop ik gelijk door naar mijn balkon. Gek genoeg klinkt het gesnik alleen maar harder. Als ik de deur opendoe stopt het gesnik. Buiten zie ik Ben op zijn balkon zitten. Hij kijkt mij met waterige ogen aan.

Boos

Hij zit daar op de bank. Ziet mij niet eens staan. Wat is dat voor een vader.
Ik begin de meest gemeenste dingen te schreeuwen. Het lijkt hem nog steeds NIETS te doen. In ieder geval draait hij wel zijn hoofd naar mij, en heb ik zijn aandacht. Maar er verandert niets in zijn gezicht. Dat is toch geen vader. Als ik niets meer te zeggen heb en stil val staat hij op. Nu begint hij te schreeuwen. Dat ik niet zo kinderachtig moet doen en moet opgroeien, allemaal van die onzin. We komen steeds dichter bij elkaar te staan. Ook ik begin nu weer te schreeuwen. Dan valt er een klap.
Mijn wang voelt zwaar aan en alles begint te draaien, mijn vader, de meubels en de muren. Alles gaat heen en weer.
Ik haak af, strompel door mijn kamer naar mijn balkon. Hier is rust.

Verdriet

Mijn ogen worden waterig. Ik probeer het te stoppen. Maar dat lukt niet, er rolt een traan over mijn wang. En nog steeds zit mijn vader daar, in zijn eigen wereld.
Ik loop naar hem toe. Hoe dichter bij ik kom, hoe beter ik hem zie, zijn ongemakkelijkheid. Niet wetend wat hij moet doen. Zo heb ik hem nog nooit gezien, kwetsbaar. De tranen lopen nu vol uit over mijn wangen. Langzaam zie ik hetzelfde gebeuren in mijn vaders ogen. Dan staat hij op en geeft mij een knuffel. Zijn wollen trui kriebelt in mijn nek, een gek gevoel wat mij op dit moment niks kan schelen. Ik kan niks meer uitbrengen.
Na de knuffel gaan wij weer onze eigen wegen. Mijn vader gaat op de bank zitten en ik loop richting mijn kamer.